In het artikel „Essay” van het rode nummer van de Clercke wordt een critiek geleverd op de tegenwoordige vorm van de democratie, die maar al te veel waarheid bevat. Toch meen ik de democratie te moeten verdedigen, en wel om de eenvoudige reden dat wij niets beters hebben om ervoor in de plaats te stellen. Tegenover de democratie staat het systeem van de totalitaire staat. Zouden we deze laatste ervoor in de plaats stellen, dan zouden dezelfde bezwaren als de door J. H. genoemde weer tevoorschijn treden, alleen in veel radicaler vorm.
Zijn er in de democratie vele mensen, die hun hersens niet gebruiken en critiekloos slikken wat hun partijleider verkondigt, in een dictatuur wordt hen zelfs de mogelijkheid ontnomen om afwijkende theorieën te horen of te verkondigen — laat staan in practijk te brengen. Het feit dat sommige mensen een eenzijdige blik krijgen door alleen hun eigen bladen te lezen, is treurig genoeg, maar daarom geen reden om deze wantoestand door wetten te fixeren en van die vrijwillige censuur een gedwongene te maken! En dan is er nog iets. In een democratie zal de partij, die aan de macht is, er toch altijd min of meer rekening mee moeten houden dat zij er slechts voor 4 jaar zit, en dat — wanneer zij het al te bont zou maken — dit de uitslag van de eerstvolgende verkiezing weleens te haren nadele zou kunnen beïnvloeden.
Geeft men daarentegen één bepaalde partij voor onbepaalde tijd de macht in handen, dan kan die partij zijn vooroordelen ook tot de uiterste excessen botvieren.
Het tragische van dictaturen is altijd, dat men aanvankelijk meent een idealist de scepter toegereikt te hebben, die dan later blijkt helemaal niet zoo’n heilig boontje te zijn.
Tegen een absoluut rechtvaardigen dictator zou niet het minste bezwaar zijn, maar men kan van een mens nooit van tevoren weten of hij in de toekomst rechtvaardig zal zijn!
Nu wil ik niet beweren dat de regeerders van democratische staten vrij van vooroordelen zijn, door het recht van vrije meningsuiting, door de aanwezigheid van een officieele oppositie zal de uitvoering van die vooroordelen toch altijd min of meer gebufferd worden.
Een democratie is überhaupt een veel soepeler systeem. Het kiesrecht levert mogelijkheden tot verandering — en dus ook tot toekomstige verbetering. In een dictatuur wordt een bepaalde politieke mentaliteit gefixeerd en conflicten tussen volk en regering zullen niet door evolutie, maar slechts door revolutie kunnen plaats grijpen.
Ik geef toe, dat een volk, dat zichzelf regeert, dit niet altijd verstandig doet, men moet de mensen tenminste de kans laten om hun leven te beteren! Het is beter dat de idealisten hun wil te kennen geven door „voortdurend van het ene vakje in het andere te springen” — dan dat zij zich nutteloos moeten laten slachten of opsluiten!
Men moet een weg naar de toekomst voor het idealisme open laten, hoe zwak het op het ogenblik ook is!
M. T. M. KERKHOVEN.